Met de tentoonstelling van de Canadese kunstenaar Ken Lum startte Witte de With een onderzoek naar de voorstelling van de menselijke figuur en naar het vraagstuk van de mimesis in de hedendaagse kunst. Centraal in deze eerste grote solotentoonstelling van Ken Lum in Europa stonden zijn scherpzinnige benadering van het portretgenre en zijn denkbeelden over de geschiedenis van de moderne westers portretkunst die reikt van heroïsch tot anoniem, van individuele tot groepsportretten en van olieverf op doek tot reclamefotografie.

Lums verwerking van beeld en tekst in zijn kenmerkende ‘logotypes’ stelt de conventies van de portretkunst ter discussie door de spanning te vergroten tussen privaat en publiek en tussen psychologische diepgang en oppervlakkige attributen. Met hun mengeling van populaire reclamevormen en de eigenaardigheden van het op een computer vervaardigde drukwerk waardoor zakelijke ondernemingen van immigranten zich onderscheiden, vestigen deze werken de aandacht op identiteitsverandering als gevolg van migratie zoals die zichtbaar wordt in het visuele idioom van het kapitaal.

Naast een selectie van Lums Portrait-Logo’s en Historical, Youth, and Attributeportretten, omvatte de tentoonstelling ook een selectie van de Furniture Sculptures (waarin Lum commentaar levert op het droomhuis en het ideaal van het gezin), Language Paintings (die spelen met het idee van een wereldtaal) en Poem Paintings (uit diverse culturen afkomstige voorbeelden van lyrische poëzie). De overzichtstentoonstelling kwam tot stand in samenwerking met twee Canadese instellingen: de Winnipeg Art Gallery in Manitoba en de Vancouver Art Gallery in Brits Columbia.

Tijdens de tentoonstelling hebben Witte de With en Ken Lum het billboardproject Melly Shum Hates Her Job (1989) uitgevoerd, waarbij billboards op verschillende locaties in Rotterdam werden opgehangen. Een daarvan bevindt zich tot op de dag van vandaag aan de zijkant van het gebouw van Witte de With.